Naar een ketenaanpak in het afvalbeleid

Het traditionele afvalstoffenbeleid heeft de afgelopen decennia veel milieuwinst opgeleverd, vooral door gescheiden inzameling van afval en recycling. Dit traditionele beleid richt zich echter vooral op de eindfase van een materiaalketen. Om een echte stap verder te zetten is een ketenbenadering onmisbaar. In zeven ketens worden projecten uitgevoerd die de milieudruk in de keten terugbrengen.

Op weg naar een duurzaam materialenbeheer

De ketenbenadering is een belangrijk onderdeel van het beleid voor het duurzamer omgaan met materialen in Nederland. Eind 2007 gingen zes pilots van start om ervaring met de ketenaanpak op te doen. Het Landelijk Afvalbeheerplan 2009-2021 kondigde vervolgens in 2009 het programma ‘ketengericht afvalbeleid’ aan.

Ketengericht afvalbeleid

Sinds 2009 lopen er projecten in zeven materiaalketens. Bij de selectie van deze ketens is gekeken naar de milieubelasting van iedere keten, de haalbaarheid om de milieudruk te verminderen en de bereidheid tot innovatie en samenwerking van bedrijven uit de ketens. Het ministerie wil met de ketenbenadering een substantiële milieuwinst behalen. De richtinggevende doelstelling voor deze materiaalketens is 20 procent minder milieudruk in de periode tot 2015. In de ketenbenadering werken bedrijfsleven en de overheid samen aan het initiëren van projecten. Vervolgens is de inzet gericht op het opschalen van de projecten via een gezamenlijke aanpak.

De geselecteerde materiaalketens zijn:

De eerste ervaringen met de ketenbenadering zijn beschreven in de publicatie Succes met de ketenbenadering (dit is op de website Rijksoverheid.nl)
In het boekje Naar een ketenaanpak in het afvalbeleid vindt u de aanpak en de eerste resultaten van de zes ketenpilots.

Milieuwinst in de keten

De ketenbenadering beschouwt de materiaalketen als geheel: alle fases in de levenscyclus van een product of materiaal. Van grondstofwinning, productie en gebruik, tot afval en eventueel recycling.
De ketenbenadering bekijkt in welke stappen van de materiaalketen op een efficiënte manier de meeste ‘milieuwinst’ bereikt kan worden en wat er moet gebeuren om die milieuwinst ook daadwerkelijk te behalen. Belangrijk hierbij is dat de milieuwinst in de ene fase niet leidt tot een hogere milieubelasting in een andere fase of in een andere keten.