Uitvoeringsprogramma convenant bodem en ondergrond 2016-2020

De partijen die het Convenant Bodem en Ondergrond 2016-2020 hebben ondertekend, hebben in december het bij dat convenant behorende Uitvoeringsprogramma (pdf, 1,9 MB) vastgesteld. Daardoor is een belangrijke voorwaarde vervult om vanaf het begin van 2016 voortvarend aan de uitvoering van het convenant te werken.

Op voordracht van de kwartiermaker van het nieuwe Uitvoeringsprogramma, Gerd de Kruif, tevens de programmadirecteur van het Uitvoeringsprogramma 2010-2015, heeft de stuurgroep Ondergrond, Bodem en Grondwater op 10 december 2015 dat programma vastgesteld.

Ontwikkelingen

In het Uitvoeringsprogramma worden voor de nieuwe convenantsperiode twee hoofdontwikkelingen geschetst die tot een ander/nieuw soort Uitvoeringsprogramma aanleiding geven.

In de eerste plaats komt de nadruk steeds minder te liggen op de aanpak van bodemverontreiniging en meer op de realisatie van bredere maatschappelijke doelstellingen met behulp van een duurzaam gebruik van bodem en ondergrond. Er zal daarom meer aandacht moeten zijn voor samenwerking en verbinding met maatschappelijke actoren.

Ten tweede wordt het belangrijker dat de convenantspartijen stapsgewijs zelf de regie oppakken bij de realisatie van de convenantspartijen en dat de regie daarom minder bij het Uitvoeringsteam komt te liggen. De convenantspartijen zullen het ‘eigenaarschap’ verder vorm gaan geven.

Afbakening

Op 18 mei is er een afzonderlijk convenant tussen het Rijk en het bedrijfsleven afgesloten: convenant Bodem en Bedrijfsleven. Deze convenanten raken elkaar en zijn deels overlappend. Samenwerking is daarom geboden en zal georganiseerd worden. Over de precieze invulling is nog besluitvorming nodig.

In het convenant wordt in artikel 16 aandacht besteed aan de relatie met het Strong-programma. Uitgangspunt is dat activiteiten in het kader van de uitvoering in de praktijk, ook wanneer deze op basis van het Strong-programma nodig zijn, vallen onder de vlag van het Uitvoeringsprogramma van het convenant Bodem en Ondergrond (= één Uitvoeringsprogramma).

Structuur

De stuurgroep Ondergrond Bodem en Grondwater blijft de stuurgroep van het Uitvoeringsprogramma. Het Programmateam blijft bestaan maar krijgt een aanvullende taak.

Het blijft het voorportaal voor de stuurgroep. Het wordt ook de opdrachtnemer en zorgt voor de uitvoering van de afspraken uit het convenant. De programmamanager (de nieuwe term in plaats van programmadirecteur) stuurt een deel van de projecten van het Uitvoeringsprogramma aan. Dat laatste zal ook gebeuren door sommige Programmateamleden uit de kring van de convenantspartijen. Zij treden dan op als portefeuillehouder voor ‘hun’ projecten. Daarmee wordt invulling gegeven aan het eigenaarschap.

Er blijft een Uitvoeringsteam functioneren met daarin: een programmamanager, projectleiders (uit de kring van de convenantspartijen) en projectsecretarissen (medewerkers van Bodem+).

Gezien de doelstellingen van het nieuwe convenant blijven de meeste van de bestaande projecten gehandhaafd (aanpak spoedlocaties, gebiedsgericht grondwaterbeheer, etc). Er zullen ook nieuwe, deels tijdelijke projecten komen (o.a. nieuwe bedreigingen, nazorg, informatiebeheer, etc.)