Nationaal afvalbeleid - Landelijk afvalbeheerplan (LAP)

De Minister van Infrastructuur en Milieu is verplicht om ten minste eenmaal in de zes jaar een afvalbeheerplan vast te stellen. Dat staat in de Wet milieubeheer. Het Landelijk afvalbeheerplan (LAP) is de invulling van deze verplichting. Het LAP bevat het beleid voor het afvalbeheer in Nederland. Het tweede LAP (LAP2) is december 2009 ingegaan en gold voor zes jaar. De looptijd is verlengd met twee jaar en geldt tot en met 2017.

Op dit moment wordt het LAP3 voorbereid.  De verwachting is dat daarna het nieuwe LAP medio 2017 in werking treedt.

Doorwerking van het LAP

  • Alle overheden moeten rekening houden met het LAP. Deze verplichting vloeit voort uit artikel 10.14 van de Wet milieubeheer. Dat lagere overheden zijn 'gebonden' aan een plan dat de Minister vaststelt, heet 'verticale binding'. Hierin onderscheidt het LAP zich van overige milieubeleidsplannen die de Wet milieubeheer noemt. Daarbij is alleen het bestuursorgaan dat het plan vaststelt verplicht er rekening mee te houden.
  • Het Rijk moet bij het opstellen van beleidsplannen en het afgeven van beschikkingen rekening houden met milieuaspecten. Waar het gaat om afvalbeheer, is het LAP het referentiekader.
  • Het LAP is het toetsingskader bij alle vergunningverlening op grond van de Wet milieubeheer waar afvalaspecten aan de orde zijn. Dat geldt voor provincies, gemeenten en waterkwaliteitsbeheerders. Dit betekent dus niet alleen de vergunningen voor afvalbeheerinrichtingen, maar ook de vergunningen voor bedrijven waar afval vrijkomt.

Reikwijdte van het LAP

Het LAP is bedoeld voor afvalstoffen waarop de Wet milieubeheer van toepassing is. De volgende afvalstoffen vallen niet onder het LAP:

  • Radioactief afval: hiervoor gelden de Kernenergiewet en de nota Radioactief afval.
  • Baggerspecie: hiervoor gelden de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de Nota waterhuishouding.
  • Mestoverschotten: hiervoor geldt de Meststoffenwet.
  • Destructieafval: hiervoor geldt de Destructiewet. De verwerking van destructieafval kan effect hebben op de afvalverwijderingstructuur. Daarom bevat het LAP wel een sectorplan dierlijk afval.
  • Communaal afvalwater (rioolwater): hierop geldt hoofdstuk 10 van de Wet milieubeheer en de Nota waterhuishouding.

Opbouw van het LAP

LAP2 bestaat uit een beleidskader en sectorplannen. Het beleidskader bevat de hoofdlijnen van het afvalbeleid. Het betreft bijvoorbeeld de landelijke doelstellingen voor gescheiden inzameling en algemene uitgangspunten voor instrumenten als vergunningverlening en handhaving. De sectorplannen bevatten de uitwerking van het beleidskader voor specifieke (categorieën van) afvalstoffen. De kern van ieder sectorplan is de zogenaamde minimumstandaard. Hierin staat op welke wijze een bepaalde afvalstroom verwerkt moet worden.

Meer informatie over het LAP

Op www.LAP2.nl staan de teksten van het LAP. Ook vindt u er informatie over de uitvoering van het LAP en geplande wijzigingen.
Heeft u toch nog vragen over het LAP? Neem dan contact op met de Helpdesk Afvalbeheer.


Inspraakprocedure LAP3 van start

Op dit moment wordt het LAP3 voorbereid. De openbare inspraakprocedure liep van 26 september tot en met 7 november 2016. Tijdens deze periode lag het ontwerp-LAP3 ter inzage en konden belanghebbenden inspreken.
Informatie inspraakprocedure.

Derde Landelijk afvalbeheerplan op komst

"De lat ligt steeds hoger". Lees het achtergrondartikel over LAP3 in InfoMil Perspectief.